Batavia systemische insecticide

Het insecticide Batavia is eind april toegelaten in o.a. bloembol- en bloemknolgewassen, bloemisterijgewassen, boomkwekerijgewassen en vaste planten.
Batavia bevat de actieve stof spirotetramat (bekend uit het product Movento) en kan ingezet worden tegen een brede reeks aan zuigende insecten, zoals bladluizen, wortelluizen, dop-, schild- en wolluis, wittevlieg en trips.
Batavia is uniek door het tweezijdig systemische transport in de plant. Door deze eigenschap zullen ook jonge onbehandelde bladeren, moeilijk bereikbare delen van de plant én het wortelgestel van de plant uitstekend beschermd zijn. Batavia moet worden opgenomen door middel van voeding aan de plant. Batavia is géén contactinsecticide.
Om met Batavia een goed resultaat te behalen, dienen onderstaande spelregels in acht te worden genomen:
  • Batavia moet opgenomen worden door het blad. Batavia heeft nauwelijks een directe contactwerking. Snel drogende omstandigheden kunnen de opname beperken.
  • Batavia alleen toepassen op een actief groeiend gewas. Een verouderend of in stress verkerend gewas is niet goed in staat om de spirotetramat door de plant te verplaatsen, met onvoldoende opname door de insecten en onvoldoende afdoding tot gevolg.
  • Voor voldoende opname, Batavia alleen toepassen indien er voldoende blad aanwezig is.
  • Neerwaartse transport vindt plaats naar plantendelen (groeipunt, wortels) die energie vragen. Naar oudere, vergeelde bladeren zal geen transport plaatsvinden.
  • Batavia toepassen op een vroeg stadium van de ontwikkeling van de plaag.